Poolgebieden

De polen van de aarde zijn ruige gebieden die vrijwel onleefbaar zijn. Toch kunnen de poolkusten dichtbevolkt zijn met dieren die afhankelijk zijn van oceanen voor hun voedsel, en op hun beurt weer roofdieren en aaseters aantrekken. Vaste poolbewoners hebben aanpassingen om warm te blijven tijdens de zwaarste omstandigheden. Richting de toendra’s krijgt plantengroei langzaam een kans, hoewel de kou nog steeds beperkend is in de vaak permanent bevroren gebieden.

Toch bieden planten en korstmossen voldoende voedsel voor grote populaties planteneters en hun predatoren, en ‘s zomers kunnen muggen floreren in visloze wateren en bieden ze voedsel voor insecteneters. Om de winter te overleven, moeten soorten migreren, een winterslaap houden of aangepast zijn aan een leven onder het sneeuwdek. Waar de toendra overgaat in bos (taiga) bereikt het poolgebied haar grens.

Ontdek hier hoe de sneeuwschoenen van het sneeuwhoen, het parasietenleven van de jager en blindzakken van de drieteenstrandloper het leven in de polen mogelijk maken!

Dieren van poolgebieden

Kleine alk

Sneeuwuil

Alpensneeuwhoen

Drieteenstrandloper

Grote burgemeester

Kleine jager